MORELE STRESS

📚 De komende maand neem ik jullie graag mee in een aantal boeken. Over supervisie, organisatiebegeleiding en preventie van stress in het werk. Deze week is dat het boek Gevangen in het systeem: Morele stress en verwonding in het gevangeniswezen geschreven door George Scholte.

🍀 Morele verwonding is het proces waarbij mensen innerlijk beschadigd raken, doordat zij niet kunnen handelen in overeenstemming met hun eigen morele overtuigingen of waarden.

🍀Daarbij plaatst Scholte het gevangeniswezen naast andere “hoogimpactberoepen” zoals leger, politie of jeugdzorg. 

🍀Vanwege mijn rol als supervisor en intervisor binnen de forensische geneeskunde, forensische psychiatrie, huisartsen, het sociaal domein en de jeugdzorg. Heb ik te maken met professionals die morele stress oplopen  

📚 Scholte baseert zich op zestien interviews met voornamelijk geestelijk verzorgers (in Nederland en Vlaanderen), aangevuld met enkele bewaarders en verpleegkundigen. De focus ligt op situaties waarin medewerkers als het ware “gevangen” zitten in het systeem. Hun morele idealen niet kunnen waarmaken door bijvoorbeeld beleidsmatige, organisatorische, wettelijke kaders.
In het boek is aandacht voor de ethische, psychologische en maatschappelijke dimensies: hoe machteloosheid, schuldgevoel, innerlijke verscheurdheid ontstaan.

💡Belangrijke inzichten zijn: 

  • Morele stress vs. morele verwonding
  • “Morele stress” ontstaat wanneer iemand wordt geconfronteerd met een zakelijke situatie die botst met z’n morele waarden (bijv. het weten wat te doen, maar niet kunnen doen).
  • Wanneer die stress cumulatief is of onbehandeld blijft, kan het leiden tot “morele verwonding”: blijvende littekens in het morele zelfbeeld, het vertrouwen in eigen handelen of in de organisatie.
  • In het gevangeniswezen komt dit voor bij medewerkers die bijvoorbeeld taken hebben die zij moreel lastig vinden, of die slachtoffer zijn van het systeem zelf.
  • Het gevangeniswezen is een sterk gereguleerd, hiërarchisch systeem met duidelijke straf- en veiligheidsregels. Daardoor ontstaan spanningen tussen waarden zoals zorg, herstel, menselijke waardigheid enerzijds en veiligheid, controle, repressie anderzijds.
  • Zowel gedetineerden als personeel zijn in zekere zin “gevangen” in die systeemlogica: medewerkers kunnen zich machteloos voelen, gedetineerden ervaren afhankelijkheid, verlies van autonomie in verhouding tot de staf.

🍀Scholte benadrukt dat het personeel niet alleen fysieke of veiligheidsuitdagingen heeft, maar ook morele uitdagingen: ‘Hoe rechtvaardig is mijn handelen?’, ‘Hoe houd ik mijn morele kompas zonder dat ik breek?’ Scholte pleit ervoor dat er meer oog komt voor morele ruimte binnen het systeem: ruimte voor twijfel, kwetsbaarheid, dialoog.

🍀Het boek roept op tot reflectie. Organisaties zouden mechanismen moeten ontwikkelen om morele stress bespreekbaar te maken en medewerkers te ondersteunen in ethische reflectie en integriteit.

🍀Het boek is relevant voor:

📚 Medewerkers in hoogimpactberoepen” zoals bij justitie, forensische psychiatrie, leger, politie of jeugdzorg. Denk daarbij aan geestelijke verzorgers, personeelsbegeleider, supervisoren en opleiders om inzicht te krijgen in wat werken in zulke contexten vraagt.

📚 Docenten, supervisoren, studenten en onderzoekers in het sociaal werk, verpleegkunde, beveiliging, rechten, psychologie, pastorale theologie of ethiek die professionals opleiden in hoogimpactberoepen.

📚Beleidsmakers en bestuurders om de implicaties van systeemkeuzes voor menselijk handelen en waarden te overzien.

📚Bredere publiek dat wil begrijpen wat “werken in de gevangenis” echt betekent — niet alleen in termen van veiligheid en straf, maar ook in morele, psychologische zin.

🍀 Het is van belang morele stress en andere spanningsvelden te kunnen bespreken. Begeleide intervisie en in supervisie bieden daarvoor een methodiek tot verdieping. Veel organisaties kiezen voor een instellingssupervisor als personeelsbeleider.
💡Dinsdag 18 november komen we met supervisoren werkzaam in het gevangeniswezen en de forensische psychiatrie bij elkaar.

👉 Ben je werkzaam als teamcoach bij de politie, supervisor in het gevangeniswezen, personeelsbegeleider in de forensische psychiatrie? Verzorg je begeleide intervisie binnen deze doelgroep of andere hoogimpactberoepen? Ben je docent, supervisor binnen deze beroepen? Dan is dit boek een verrijking voor je.
Wil je sparren, collegiale consultatie of een Leersupervisie traject? Stuur me dan een whatsapp bericht of een bericht via de contactpagina.

Supervisie voor coaches

Supervisie voor coaches

Een boek over professionele groei, reflectie en verantwoorde coaching

Supervisie voor coaches is een verdiepend en praktijkgericht boek dat de lezer meeneemt in de wereld van professionele begeleiding en reflectie binnen het coachvak. Het laat overtuigend zien hoe supervisie niet alleen een instrument is voor persoonlijke ontwikkeling, maar ook een essentieel onderdeel van kwaliteitswaarborging binnen de beroepspraktijk van coaches. Zoals dit ook binnen andere beroepsgroepen gangbaar is. Zeker daar waar mensen met mensen werken. Zoals artsen, geestelijk verzorgers, therapeuten. Steeds vaker zien we supervisie ook ingezet in het bedrijfsleven om medewerkers, vakgroepen en leidinggevenden te begeleiden.

Waarde van supervisie voor kwaliteitswaarborging

Het boek Supervisie voor coaches onderstreept dat coaching een vak is dat voortdurend om reflectie en zelfonderzoek vraagt. Supervisie biedt daarvoor een gestructureerde context. Door regelmatig met een supervisor te werken, leert de coach zijn of haar handelen te onderzoeken, aannames te bevragen en verantwoordelijkheid te nemen voor de impact van interventies. Daarmee wordt supervisie gepresenteerd als een onmisbare schakel in de professionele kwaliteitscyclus: het waarborgt integriteit, effectiviteit en groei van de coach.

Reflectie en omgaan met emoties

Een belangrijk thema in het boek is het vermogen tot reflecteren — niet alleen op methodische keuzes, maar ook op het eigen innerlijk proces. De auteurs benadrukken dat emoties van zowel coach als cliënt deel uitmaken van het coachproces. Supervisie helpt de coach om emoties te herkennen, te duiden en er constructief mee om te gaan, in plaats van ze te projecteren  of te vermijden. Dit bevordert emotionele rijpheid en maakt de coach tot een meer ‘bewuste begeleider’.

Ethische uitdagingen

Het boek biedt waardevolle handvatten voor het omgaan met ethische dilemma’s die zich in coaching kunnen voordoen. Door ervaringen in casussen en reflectievragen worden supervisanten uitgedaagd om hun professionele grenzen, waarden en verantwoordelijkheden te verkennen. De supervisiepraktijk wordt hier gepresenteerd als een veilige ruimte om fouten, onzekerheden en morele twijfels zonder oordeel bespreekbaar te maken.

Transculturele sensitiviteit

Een van de sterke punten van Supervisie voor coaches is de aandacht voor diversiteit en transculturele sensitiviteit. Supervisie kan een plek zijn om culturele aannames en onbewuste vooroordelen te onderzoeken. Zo wordt de coach gestimuleerd om eigen aannames te onderzoeken en open, nieuwsgierig en empathisch te zijn naar supervisanten en diens cliënten met welke achtergrond dan ook. Dat vergroot niet alleen de effectiviteit van coaching, maar ook de maatschappelijke relevantie.

Ecologisch en systemisch bewustzijn

Het boek plaatst coaching in een breder, ecologisch en systemisch perspectief. Het nodigt supervisoren en coaches uit om niet enkel te kijken naar het individu of de dynamiek in een team of groep. Ook naar de contexten — organisaties, gemeenschappen en zelfs de “globe”, de planeet — waarin mensen functioneren. Supervisie helpt de coach om de eigen positie in dat systeem te onderzoeken en om meer bewust te worden van de invloed van omgevingsfactoren op het coachproces en dat van diens coachee.

Wat heeft de coach aan dit boek?

Voor coaches is dit boek een uitnodiging tot verdieping en professionalisering. Het biedt praktische kaders, reflectie-instrumenten en voorbeelden die helpen om eigen handelen kritisch te onderzoeken. Het inspireert om supervisie niet te zien als ‘controle’ of verplicht nummer, maar als een kans tot groei, zelfinzicht en versterking van professioneel bewustzijn.

Wat heeft de supervisor aan dit boek?

Voor supervisoren biedt het boek een rijk theoretisch fundament én praktische werkvormen om hun begeleidingsrelatie met coaches en andere supervisanten verder vorm te geven. Het helpt supervisoren om hun rol scherp te definiëren: als procesbegeleider van leren, reflectie, systemisch en ethisch bewustzijn.

Supervisie voor coaches is een waardevol, genuanceerd en inspirerend boek dat bijdraagt aan de professionalisering van het coachvak. Het benadrukt dat supervisie meer is dan een leermoment: het is een moreel en relationeel kompas dat helpt om als coach duurzaam, bewust en verantwoord te handelen — ten dienste van cliënten én van de samenleving.

Het boek is geschreven door Louis van Kessel en Sonja Vlaar en te bestellen bij Kloosterhof

Vastzitten in vechten of vluchten

De aandacht voor ervaringen in de vroegste kinderjaren is weer groeiende. Door de kennis over stress en hoe je alarmsysteem vanaf de conseptie ervaringen opgeslagen heeft in fysieke sensaties. Door de kennis over wat er in het brein en lichaam gaande is wanneer er zich stress situaties voordoen en oude sporen eveneens geactiveerd worden. Niemand kan dat beter verwoorden dan Bessel van der Kolk en Erik Scherder.  Bessel van der Kolk doet al meer dan 25 jaar onderzoek naar de werking van het brein bij o.a. trauma. Zijn werk  The body keeps the score werd vorig uitgebracht in het Nederlands onder de titel Traumasporen. Erik Scherder kennen we o.a. vanwege zijn colleges over bewegen en muziek. Hij is een voorstander van creatieve expressie  vanwege de positieve effecten ervan op het brein.
De eerste week van oktober zal voor de eerste keer de week van de vaktherapie plaatsvinden. Door heel Nederland zijn er workshops te volgen. Ik richt me die week graag op praktijkhouders die overwegen multidisciplinair te gaan werken of nieuwsgierigen die de Kracht van ervaren willen meemaken.

Naasten betrekken?

Verschillende opvattingen kom ik tegen als het gaat om betrekken van naasten. Of het nu om partner, ouders, vrienden, collega, werkgever gaat. Wel, niet, privacy, geen tijd voor, bij elk evaluatiemoment, altijd om terugval te voorkomen. Mijn klant wil dat niet. Bij supervisie betrek ik nooit anderen, bij coaching afhankelijk van de contractering, bij re-integratie vrijwel altijd, bij therapie wisselend.
Regelmatig overleg ik met een bedrijfsarts en een leidinggevende als het gaat om de re-integratie stappen van een klant. Dit is dan vaak op verzoek van een van de partijen. Het heeft meestal tot gevolg dat de klant in een beter passend tempo terug kan keren naar werk. Zijn of haar grenzen serieuzer neemt en leert aan te geven.
Bij de vraag of we naasten zullen betrekken gedurende een traject zie ik vaak eerst wat onwennigheid. “Ik wil niemand tot last zijn” is een vaak gehoorde reactie. Je hoeft ook niet alles prijs te geven, natuurlijk blijft het van belang om als klant regie te houden over wat besproken wordt. Als klanten werkelijk de stap zetten ervaren ze vaak opluchting. Zie ik een versterkt gevoel van erkenning. Het samen delen, luisteren naar elkaar, zorgt voor verbinding. Soms werkt het niet zoals gedacht en krijg je een inkijk in de pijnlijke interactie tussen mensen.
Momenten waarop ik het belangrijk vind en dit belang benadruk zijn momenten waarop ik zie dat iemand niet uit zichzelf steun zoekt, waarin er problemen liggen in de dynamiek met anderen. Maar ook in de evaluatie of de afronding van een traject.
Ik ben benieuwd naar de overwegingen van anderen. Hoe doe jij dat? Wat zijn je overwegingen of je ervaringen?

Individuele oplossingen voor gelijke kansen

Inspirerende ontmoetingen hebben mij geraakt en niet meer los gelaten. Wat is het toch fascinerend om op onverwachte momenten mensen te ontmoeten waarmee je ideeën uitwisselt, synchronie ervaart, je verbonden voelt terwijl je ook de verschillen kunt laten bestaan. Zo werd ik onlangs getroffen door Jac van der Klink, tijdens zijn lezing over Capability Approach tijdens het Tranzo -Geestdrift symposium Hoe te helpen bij ‘herstel’ binnen de GGZ? Goede zorg voor cliënten en medewerkers. De waarde zit in het werken zelf. Werk moet niet de gezondheid aantasten. Werk moet voldoening geven en bijdragen aan persoonlijke behoeften en ambities. Organisaties die de toekomst gaan maken investeren in mensen en menselijk kapitaal, in goed personeelsbeleid en in een werkomgeving waarin mensen zich gewaardeerd en waardevol voelen. Aldus Klink. De Capability Approach waarvan Nussbaum en Sen de grondleggers zijn gaat uit van de vermogensbenadering. Niet het bruto nationaal product zou centraal moeten staan bij het maken van beleid, maar de mogelijkheden van de mensen. Zij gaan uit van het recht op een minimumniveau van vermogens waarmee elke mens in staat is volwaardig te functioneren, zoals onder meer lichamelijke gezondheid en onschendbaarheid, verbeeldingskracht en sociale banden.
Niet in de laatste plaats werd ik geraakt omdat ik in mijn praktijk mensen tegenkom die langdurig hun gezondheid op de proef stellen, blijven doorwerken als het niet meer kan, zichzelf voorbij lopen en hun grenzen niet meer ervaren omdat ze het zo gewend zijn daaraan voorbij te gaan. Uit angst voor ontslag, hun leidinggevende of het gevoel niet goed genoeg te zijn. Hier begint voor mij de uitdaging om de vermogensbenadering werkelijk uit te dragen. Oplossingen zijn niet voor iedereen gelijk, juist daarin wordt een beroep gedaan op mijn creativiteit. Om af te stemmen op de vermogens van de ander en samen te zoeken naar passende mogelijkheden.